In 1926 vroeg de familie Panneels de Diegemse kunstenaar Victor Servranckx (1897-1965), pionier van de abstracte kunst, een gebouw te ontwerpen voor hun groothandel: exportmagazijnen, kantoren en een garage voor de verwerking en het vervoer van witloof, aan de Oude Haachtsesteenweg 89. Het gebouw werd nog datzelfde jaar in het kadaster ingetekend. In de volksmond heet het het ‘Kubistisch Huis’.
Het gebouw staat vrij monumentaal aan de oostzijde van de zogenaamde ‘Plaats’. Het is drie bouwlagen hoog, onder platte daken, en speelt met het contrast tussen donkere baksteen en witte bepleistering: twee witte kubussen zijn als het ware in het bakstenen volume geschoven, een op de bovenhoek aan de westkant en een aan de oostkant. De verspringende volumes sluiten aan bij het modernisme van het interbellum.
Na de Eerste Wereldoorlog moest er snel en goedkoop gebouwd worden, met nieuwe materialen en gestandaardiseerde onderdelen. Dat zie je aan de ramen: hun kozijnen bestaan uit rijen gelijke vierkanten, gekozen om economische en rationele redenen eerder dan voor het spel van het licht. Later deed een deel van het gebouw dienst als garage met benzinepomp, de ‘Garage de Diegem’. Het schrijnwerk werd intussen vernieuwd.