De school van de koster
Lang was het onderwijs een zaak van de kerk. In 1575 hield de kapelaan school in Diegem; daarna meestal de koster, soms geholpen door de pastoor. Dat ging niet altijd goed: in 1593 was de schoolmeester een brouwer die voor het gerecht werd gedaagd en wegbleef, waarna zijn zoon de school openhield. In 1610 was de deken dan weer heel tevreden over de klas voor jongens en meisjes. Een aanstelling van 1710 vroeg de koster de jeugd te leren ‘lesen, scryven, syferen, singhen, goede zeden ende manieren’. De armentafel betaalde het schoolgeld van de arme kinderen; in 1732 bestonden de boeken uit de Mechelse catechismus en het leven van Onze-Lieve-Vrouw.
De gemeenteschool
Tot het midden van de 19de eeuw gaf de onderwijzer les in zijn eigen huis. In 1854 werd het gemeentehuis gebouwd met een klas, en in 1858 kwam er een eigen klaslokaal achter. Het ging niet zonder ruzie: in 1855 klaagde een zadelmaker dat de meester zijn zoon bloedend had geslagen, en burgemeester en raadslid vonden bij hun bezoek een stinkende put. De onderwijzer antwoordde de burgemeester grof, en de raad schorste hem een maand zonder loon. In 1864 kwam een tweede klas, met een onderwijzer die Frans kon geven, ‘van groot belang voor eene gemeente gelegen aen den voet van het kapitael’; in 1869-1871 volgden een meisjesklas en lessen naaien. In 1880 werd het schoolgeld afgeschaft.
In 1900 kreeg Diegem-Lo een eigen schoollokaal aan de Zaventemsesteenweg, in 1903 een tweede. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kregen de oudste leerlingen vrij om aardappelen te planten en te rooien en erwten te plukken. Na de oorlog bouwde de gemeente een nieuwe jongensschool aan de Zaventemsesteenweg, naar plannen van architect Jacobs; het gebouw rust op 62 betonnen putten, wat 200.000 frank extra kostte, en werd na Pasen 1926 geopend. Later kwamen een kleuterklas (1959), avondstudie (1960), nieuwe paviljoenen (rond 1965) en een peutertuin (1965).
De bibliotheek
Al op 1 oktober 1869 begon Diegem een volksbibliotheek, wellicht in het nieuwe gemeentehuis met school. Ze verhuisde later naar de gemeenteschool en in 1970 naar het cultureel centrum. Meestal was het schoolhoofd ook bibliothecaris. De staat erkende de bibliotheek in 1923; in 1980 telde ze 8.903 boeken en 194 lezers.